D1 Biodiversiteit Zeezoogdieren
| Descriptor/criterium | Goede milieutoestand | Primair/secundair criterium | Indicator(en) en (bron) | Drempelwaarden |
|---|---|---|---|---|
|
D1 Criterium 1 |
Incidentele bijvangst in de Internationale Noordzee vormt geen bedreiging voor populaties bruinvis en grijze zeehond en blijft onder de drempelwaarden van OSPAR. | Primair |
M6 - Incidentele bijvangst zeezoogdieren (OSPAR). |
Bruinvis: 1622/jr, grijze zeehond: 7171/jr (OSPAR). |
| D1 Criterium 2 | De populatieomvang van bruinvis, gewone zeehond en grijze zeehond duidt op gezonde populaties en vol doet aan de drempelwaarden van OSPAR (deelgebieden Internationale Noordzee) en de Habitatrichtlijn (Nederlandse deel van de Noordzee). | Primair |
M4 abundantie en verspreiding cetacea (OSPAR). M3 abundantie en verspreiding zeehonden (OSPAR). Populatie (HR). |
Jaarlijkse afname populatie 30% t.o.v. basisjaar 1994 (OSPAR). Geen afname in aantallen > 1% per jaar (ca. 6% in laatste 6 jaar) én geen afname > 25% t.o.v. basisjaar 1992 (OSPAR). Bruinvis: 60.000, grijze zeehond: 1000-5000, gewone zeehond: 2000-5000 (FRP uit HR). |
| D1 Criterium 3 | De pupproductie van grijze zeehond (deelgebieden Internationale Noordzee) en gewone zeehond (Nederlandse deel van de Waddenzee) duidt op gezonde populaties en vol doet voor grijze zeehond aan de drempelwaarde van OSPAR. | Primair en secundair |
M5 Pupproductie grijze zeehond (OSPAR). Pupproductie gewone zeehond (trilaterale Waddenoverleg). |
Het geboortecijfer van de grijze zeehond mag niet afnemen met meer dan jaarlijks 1% sinds de laatste beoordeling en 25% sinds 1992 (OSPAR). |
| D1 Criterium 4 | Het verspreidingsgebied van gewone zeehond, grijze zeehond en bruinvis in het Nederlandse deel van de Noordzee voldoet aan de drempelwaarde van de Habitatrichtlijn. | Primair en secondair |
Verspreidings- gebied (HR). Verspreidings- gebied gewone zeehond (OSPAR). M3 Verspreidings- gebied grijze zeehond (OSPAR). |
Bruinvis: 724, grijze zeehond: 728, gewone zeehond: 762 (FRR uit HR). geen geen |
| D1 Criterium 5 | De omvang en kwaliteit van het leefgebied zijn geschikt voor gewone zeehond, grijze zeehond en bruinvis in het Nederlandse deel van de Noordzee. | Primair en secundair | Kwalitatief (expert judgement). | N.v.t. |